Betrokken woningen

Vestigers betrekken andere woningen dan huishoudens uit de ‘eigen’ regio of gemeente. Overigens is er een verschil tussen verhuisde huishoudens en betrokken woningen. Ook dat verschilt naar herkomst en bestemming. Meer hierover in het blok van adressen naar woningen.

Eigendom

Wat betreft eigendom kan onderscheid worden gemaakt in huurwoningen en koopwoningen. Binnen huurwoningen kunnen dan nog corporatiewoningen en huurwoningen van particuliere verhuurders worden onderscheiden.

Over het algemeen treffen we vestigers uit de Randstad vaker in particuliere huurwoningen  en koopwoningen aan en minder vaak in corporatiewoningen dan huishoudens die binnen de eigen regio verhuizen. Ook over het algemeen kan worden geconstateerd dat de dynamiek binnen de corporatiewoningen sinds 2010 min of meer gelijk is gebleven, terwijl het aantal verhuizingen naar de beide andere segmenten is toegenomen.

Van degenen die een koopwoning betrokken is de WOZ-waarde van de betreffende woning bekend. Dan blijkt dat vestigers uit de Randstad in bijna alle tien de regio’s duurdere woningen betrokken dan huishoudens die binnen de eigen regio zijn verhuisd.

Bouwperiode

Hoewel de link tussen verhuizen en nieuwbouw voor de hand ligt, vinden de meeste verhuizingen plaats naar woningen die al een tijd geleden gebouwd zijn. Onder de betrokken woningen treffen we uiteenlopende bouwperioden. Slecht een kwart van de recent verhuisden naar of binnen de tien onderzochte regio’s betrok een woning van na het jaar 2000.

Wie denkt dat vestigers uit de Randstad specifiek op nieuwbouw afkomen heeft het mis. Verhuisden uit de Randstad betrokken in de periode 2016-2018 ongeveer even vaak een recent gebouwde woning als vestigers uit de eigen regio’s. Er zijn wel verschillen tussen de regio’s. In Food Valley is het aantal verhuisden naar recent gebouwde woningen fors gestegen, ook en vooral onder vestigers uit de Randstad.

Woningtype

Gemiddeld 40% van de in de periode 2016-2018 in de tien regio’s betrokken woningen betrof appartementen. In de voorgaande periode (2013-2015) was dit nog 46%. De toegenomen dynamiek van de laatste jaren is dan ook vooral terug te vinden in eengezinswoningen. Niet verwonderlijk is het feit dat het aandeel betrokken appartementen in landelijke regio’s kleiner is dan in stedelijke.

Met uitzondering van de drie stedelijke regio’s betrokken instromers uit de Randstad naar verhouding vaker een eengezinswoning dan huishoudens die binnen de eigen regio verhuisden. Kennelijk zit een deel van de aantrekkingskracht in de beschikbaarheid van dit woningtype. Dit ondanks het feit dat ook vestigers uit de Randstad lang niet altijd huishoudens met kinderen zijn.