Mogelijke drijfveren

De drijfveren achter de diverse verhuisstromen zijn uit de droge registraties niet rechtstreeks te achterhalen. Maar uit combinaties van leeftijden, typen huishoudens en kenmerken van betrokken woningen kan wel een indruk worden verkregen.

Op zoek naar ruimte

Wanneer de vertrekstromen uit de Randstad van de laatste jaren worden vergeleken met de verhuisstromen binnen de Randstad zelf, wordt duidelijk dat de vertrekkers uit de Randstad in toenemende mate voor de ruime (koop)woningen gaan. Binnen de Randstad zijn de betrokken woningen kleiner dan daarbuiten en binnen de Randstad is geen trend naar groter wonen te bespeuren. Als we verder inzoomen op het vertrek uit de grote steden blijkt dat er duidelijk sprake is van zowel een toegenomen suburbanisatie binnen de Randstad als een toegenomen stroom naar verder weg.

Wat betreft levensfase zien we een toenemend vertrek uit de Randstad in de economisch actieve leeftijdsklassen (tussen de dertig en de zestig). Maar ook het vertrek van zestigplussers is toegenomen.

Verschillen tussen regio’s

In onderstaande figuren is voor de afzonderlijke regio’s te zien hoe de instroom uit de Randstad er uit zien en wat voor woningen door vestigers uit de Randstad zijn betrokken. Het gaat duidelijk om ruimtezoekers. Het zijn vooral de grotere woningen waar de toegenomen instroom uit de Randstad zich manifesteert. Afgaande op de leeftijden zitten er veel werkenden tussen, voor wie de mogelijkheid van thuiswerken kan hebben meegespeeld in de beslissing om de Randstad te verlaten. De vele zestigplussers die zich vestigen in de regio Noord-Veluwe doen wel vermoeden dat er ook andere drijfveren spelen. Dat geldt ook voor de Achterhoek en landelijk Overijssel, waar in 2021 en in 2022 de instroom uit de Randstad bovengemiddeld is toegenomen.

De omgekeerde stroom, naar de Randstad toe, verschilt hemelsbreed van de stroom uit de Randstad. Dit geldt zowel voor de kenmerken van de huishoudens als voor de betrokken woningen. Hier spelen heel andere achtergronden, waar we hier niet verder op in zullen gaan.

Hoe zal het verder gaan?

De schaarse aan ruime en relatief betaalbare koopwoningen in de Randstad zal nog wel even voortduren. Alleen dat al zal ook de komende jaren een drijfveer voor vertrek blijven. Intussen is thuiswerken zo ingeburgerd geraakt, dat voor huishoudens die voor werk aan de Randstad gebonden zijn een woonplaats buiten de Randstad een reële optie is. En gezien de vergrijzing zouden we ook een verdere toename van pensioenmigratie uit de Randstad mogen verwachten. Veelbetekenend is dat juist de landelijke regio’s de instroom uit de Randstad het sterkt hebben zien toenemen.

Andersom lijkt het erop dat de stroom jongeren in de studentenleeftijd naar de Randstad afneemt. Als verder wordt ingezoomd op de grote steden lijken vooral Amsterdam en Utrecht aan aantrekkingskracht op jongeren in de studentenleeftijd te hebben ingeboet. Oudere jongeren (23-29 jaar) vertrekken nog wel in groten getale naar de Randstad. Of dit aanhoudt hangt mede af van de toegankelijkheid (lees: betaalbaarheid) van de Randstad voor mensen met hun eerste baan. Zij ondervinden in toenemende mate concurrentie op de woningmarkt van goed betaalde expats. Na een dip in coronatijd is de instroom uit het buitenland weer helemaal terug.